SECTIE B
BEWERKINGEN; TRANSPORT
B 04
CENTRIFUGAALAPPARATUUR OF CENTRIFUGAALMACHINES VOOR FYSISCHE OF CHEMISCHE
PROCESSEN
Aantekening
De
aandacht wordt gevestigd op de Aantekeningen volgend op de subsectietitel
“SCHEIDEN; MENGEN” [blz. xxx]
B 04 C APPARATUUR
WAARBIJ GEBRUIK WORDT GEMAAKT VAN VRIJE WERVELSTROMING, BIJV. CYCLONEN (uitlaatapparatuur of
geluiddempingsapparatuur voor machines of motoren met middelen voor het
verwijderen van vaste bestanddelen uit uitlaatgassen, waarbij gebruik wordt
gemaakt van traagheidsscheiders of centrifugaalscheiders F01N 3/037;
cycloon-achtige verbrandingsapparatuur F23) [11]
Aantekening
Onder deze subklasse valt apparatuur voor het scheiden en mengen of soortgelijk
behandelen, waarbij centrifugaaleffecten worden opgewekt door vrije
wervelstroming, anders dan met roterende kuipen, rotoren of gebogen kanalen.
B 04 C
3/02 .
met verwarmingsmiddelen of koelmiddelen, bijv. smoormiddelen
B 04 C
3/04 .
Meervoudige opstelling daarvan
B 04 C
3/06 .
Constructies van inlaten of uitlaten bij wervelstroomkamers
B 04 C
5/02 .
Constructie van inlaten waarmee de wervelstroming wordt opgewekt [11]
B 04 C
5/04 .
. Tangentiële inlaten
B 04 C
5/06 .
. Axiale inlaten
B 04 C
5/08 . Constructies
van wervelstroomkamers
B 04 C
5/081 .
. Vormen of afmetingen
B 04 C
5/085 .
. met slijtvaste voorzieningen
B 04 C
5/087 .
. met flexibele gasdichte wanden
B 04 C
5/10 . .
met geperforeerde wanden
B 04 C
5/103 .
. Lichamen of delen in de wervelstroomkamer, bijv.
waterdichte schotten of geleiders (kernen B04C 5/107)
B 04 C
5/107 .
. Kernen; Inrichtingen voor het veroorzaken van een luchtkern
in hydrocyclonen (deel uitmakend van de uitlaatpijp B04C 5/13)
B 04 C
5/12 .
Constructie van de bovenstroomkanalen, bijv. verstrooiingsuitgangen of
spiraalvormige uitgangen
B 04 C
5/13 .
. gevormd als een wervelstroomzoeker en zich uitstrekkend tot
in de wervelstroomkamer; Afvoeren van de wervelstroomzoeker anders dan aan de
bovenzijde van de cycloon; Inrichtingen voor het regelen van de bovenstroom
B 04 C
5/14 .
Constructie van de onderstroomkanalen; Topconstructies; Afvoervoorzieningen
B 04 C
5/15 .
. met zwaaikleppen of draaisluizen; Sluizen; Controlekleppen
B 04 C
5/16 .
. met uitlaten met variabele omvang van de onderstroomkanalen
B 04 C
5/18 .
. waarbij een extra fluïdum de afvoer ondersteunt
B 04 C
5/181 .
. Waterdichte schotten of centrale lichamen in de
afvoeropening
B 04 C
5/185 .
. Stofverzamelaars
B 04 C
5/187 .
. . onderdeel vormend van de
wervelstroomkamer
B 04 C
5/20 .
met verwarmingsmiddelen of koelmiddelen, bijv. smoormiddelen
B 04 C
5/22 .
met reinigingsmiddelen
B 04 C
5/23 .
. gebruikmakend van vloeistoffen
B 04 C
5/24 .
Meervoudige opstelling daarvan
B 04 C
5/26 .
. voor seriële stroming
B 04 C
5/28 .
. voor parallelle stroming
B 04 C
5/30 .
. Recirculatieconstructies in of bij cyclonen die zorgen voor
het gedeeltelijk laten recirculeren van het medium, bijv. door middel van
leidingen
B 04 C
7/00 Apparatuur die niet
valt onder de groepen B04C 1/00, B04C 3/00 of B04C 5/00; Meervoudige
voorzieningen voorzover niet vallend onder één van de groepen B04C 1/00, B04C
3/00 of B04C 5/00; Combinaties van apparatuur die valt onder twee of meer van
de groepen B04C 1/00, B04C 3/00 of B04C 5/00
B 04 C
9/00 Combinaties met
andere inrichtingen, bijv. waaiers (met filters voor het afscheiden van deeltjes uit gassen of
dampen B01D 50/00; met droge elektrostatische scheiding voor het afscheiden van
deeltjes uit gassen of dampen B03C 3/15) [11]
B 04 C
11/00 Niet elder
ondergebrachte accessoires, bijv. veiligheidsinrichtingen of regelinrichtingen [11]